![]() |
![]() |
||||
|
|
Boudicca
Keizer Claudius liet zijn legioenen in 43 n.Chr. Brittannië invallen. Vele stammen hadden goede banden met de Romeinen en verzetten zich niet. Zo ook de Iceni, ze dreven handel en leefden in vrede met de veroveraars. De vijandigheid tussen de Kelten en de Romeinen ontstond pas toen de laatstgenoemden de oude religie probeerden te onderdrukken. De Romeinen vreesden de druïden namelijk, die grote macht over de stammen hadden. Het gerucht dat de Keltische priesters mensen offerden, gaf aanleiding om hun bloedig te onderdrukken. De stammen werden gedwongen zich te onderwerpen aan de eisen van de bezetters, als ze dit niet deden werd hun land ingenomen. Om zijn gebied te beschermen sloot Prasutagus een verdrag met Rome, waardoor de Iceni een vazallenstaat werden. Prasutagus kreeg als dank voor dit verdrag een toelage, maar de Romeinen definieerden dit als een lening. Toen de nieuwe gouverneur, Publius Ostorius Scapula, dit terugeiste, kwamen veel stammen in opstand, ook degene die buiten het Romeinse gebied leefden. Scapula stuurde een kleine troepenmacht naar de rebelse stammen, de rest van zijn leger stuurde hij naar het noorden om nog meer land te bezetten. Om de andere stammen te behoeden van romanisering, kwamen er nog meer zuidelijke stammen tegelijkertijd in opstand.Nadat de Kelten in een veldslag bij Stonea Camp waren verslagen, dwongen de Romeinen ze rond 47 n.Chr. tot ontwapening. Dit leidde tot nieuwe onrust, het was voor de Kelten onterend als iemand hun wapens afnamen. Ook de Iceni verzetten zich en werden wreed verslagen. Toen de legioenen verder trokken naar noord-Wales, kwam het bericht dat de Brigantes in opstand waren gekomen. De Romeinen vielen de stam aan en slachtten iedereen die ook maar aan een opstand had gedacht af.
Binnen niet al te lange tijd had Boudicca een leger op de been van ongeveer 100.000 man. Hiermee trok ze op naar Camulodunum Colonia, het hedendaagse Colchester. Een kolonie van veteranen bewaakten het fort en werd verpletterd. Camulodunum werd na Boudicca’s overwinning platgebrand. Het leger groeide tot 200.000 krijgers en rukte op naar Londinium, Londen. De veteranen die het fort bewoonden, werden onder de voet gelopen en ook Londinium werd verwoest. Zowel de legaat van het legioen IX Hispana als gouverneur Suetonius zelf kwamen in actie. De legaat trok op naar Londinium, maar werd in een hinderlaag verslagen. Zijn infanterie werd afgemaakt, maar hij en zijn cavalerie wisten te ontkomen en ontmoetten de gouverneur. Deze had een spoor van verwoesting aangetroffen op zijn mars van Wales naar Engeland. De Romeinen hergroepeerden zich en formeerden een leger dat bestond uit de cavalerie van het IX Hispana en de legioenen XX en XXIV, die met Suetonius Mona hadden uitgemoord. Suetonius kwam erachter dat de opstandige stammen werden bevoorraad met gestolen Romeinse reserves en liet hierom zijn voorraden grotendeels verbranden.
Tacitus vermeldt dat er bij deze slag zo’n 80.000 Kelten omkwamen, niet alleen krijgers, maar ook vrouwen en kinderen die met het leger meetrokken. Boudicca zelf wist te vluchten. Zij stierf later, sommigen zeggen door vergif, anderen door een ziekte. Het lot van haar dochters is onbekend. Zie ook:
Cartimandua Celtic Webmerchant: Wolven amulet €16,90 05 Speerpunt €27,37 Keltischs dolk € 76,16 |
||||
![]() |
|||||
|
copyright © 2008 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden. Sitemap Contact |
|||||