Crannogs

Crannogs zijn kleine, kunstmatige eilanden die in lochs en andere binnenlandse wateren in Schotland zijn aangelegd. Dezelfde soort bouwsels zijn gevonden in andere delen van Groot-Brittannië en, met name, in Ierland, maar daar heten ze geen crannogs. In Engeland hebben bijvoorbeeld de dorpen van Glastonbury en Meare verschillende dingen gemeen met de crannogs in Schotland en Wales.

Crannogs dienden als woonplaats en toevluchtsoord en waren normaalgesproken gefortificeerde, ommuurde constructies van stenen versterkt met palen die in de bedding van het loch zijn gedreven. Vele werden met het land verbonden door middel van een toegangsweg, die soms voor indringers verborgen was doordat hij net onder het wateroppervlak lag. Sommige crannogs waren groot genoeg om hele gemeenschappen in te vestigen, en waren belangrijke koninklijke of religieuze centra. De meeste waren echter vrij klein en konden een of twee families huisvesten.

De oudst bekende crannogs werden wellicht 5.000 jaar geleden gebouwd tijdens het neolithicum en hebben sindsdien vele stadia van bouw en herbouw gekend. Geschriften vertellen dat sommige Schotse crannogs tot in de 17de eeuw in gebruik waren en verschillende Schotse kastelen zijn waarschijnlijk gebouwd op vroegere crannogs. De meeste crannogs dateren waarschijnlijk uit de ijzertijd, hoewel vele nog lang daarna werden gebruikt.

Sommige crannogs werden in de middeleeuwen gebruikt als bases voor visserij en jacht, andere werden gefortificeerde burchten van de Schotse clans. De oude crannog van Priory Island in Loch Tay werd bijvoorbeeld uiteindelijk een burcht voor de Campbells of Glenorchy, nadat hij daarvoor werd gebruikt door zowel de Schotse adel als de geestelijkheid. De ruďnes van het fort dat de Campbells daar in de 16de eeuw bouwden, kunnen vandaag de dag nog steeds bezichtigd worden.

De hoeveelheid werk die nodig was voor de bouw, maakt het waarschijnlijk dat ze alleen werden gemaakt in tijden van nood, wanneer zelfs vrij kleine gemeenschappen de behoefte hadden aan een veilige basis waarnaar ze konden terugtrekken in tijden van gevaar.

Er zijn twee typen crannog. Type een bestaat uit een bouwsel dat door middel van palen boven water, of soms boven drassig land, is gemaakt. Dit was het vroegste type die relatief veel gebruikt werden door Europese brons- en ijzertijdgemeenschappen in moerassen en aan de waterkant. Het latere type bestond uit een kunstmatig eiland, waarop vervolgens gebouwen konden worden opgericht.

Waar mogelijk, haalden crannogbouwers hun voordeel uit banken van hoger liggende bodem of al bestaande kleine eilanden. Soms was er niet zoiets om te gebruiken en was het nodig de bouw van het eiland onderwater te beginnen. De bouw bleef echter grotendeels hetzelfde. Grote hoeveelheden van steen en puin werden opgestapeld om de bodem op te hogen, bijeengehouden door houten staken die in de bodem van het loch waren gedreven. Hier bovenop werd een houten palissade gebouwd die de bouwwerken op het nieuwe eiland omringden.

Crannogs kunnen verschillen in vorm en grootte, maar de meerderheid is rond of ovaal, mogelijk omdat dit makkelijker te bouwen was. De diameter was gemiddeld 15 tot 30 meter, maar er waren natuurlijk uitzonderingen. Het materiaal waarmee een crannog werd gebouwd, verschilde per gebied. In de Hebriden werd bijvoorbeeld voornamelijk steen gebruikt, en in het binnenland hout.

Zie ook:

Brochs
Roundhouses

Heuvelforten

Keltisch interieur

Celtic Webmerchant:

c                       
 Keltisch zwaard  € 70,25        Keltische broche  € 9,20         Keltisch zwaard € 70,85

 

 

copyright © 2008 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden.           Sitemap  Contact