|
|
|
||||
|
|
Henry Benedictus Stewart
Op de dag van zijn geboorte werd Henry in het Palazzo Muti gedoopt door paus Benedictus XIII zelf. Tijdens zijn jeugd verbleef hij in zijn vaders verblijven in Rome, Albano en Bologna. Hij was net als zijn broer Charles Edward een intelligente jongen en er wordt gezegd dat hij beter kon schrijven en spellen dan hij. Van zijn moeder erfde hij de devotie aan de katholieke kerk. Rond zijn zeventiende plande hij zijn tijd al zorgvuldig, zodat geen minuut verspild was. Henry was een redelijk knappe jongeman met dezelfde ogen, maar zonder dezelfde lengte als zijn broer. Hij had een introvert, voorzichtig karakter dat minder enthousiast was dan dat van Charles. In oktober 1745 reisde hij af naar Parijs om Franse steun voor de campagne van zijn broer Charles in Groot-Brittannië te krijgen. Henry kreeg Franse troepen, artillerie en schepen toegezegd. Er ontstond echter veel vertraging en noch Henry, noch de Franse troepen arriveerde in Schotland om de opstand te steunen, die bedoeld was om Henry’s vader de kroon van Groot-Brittannië terug te geven.
Het volgende jaar reisde Henry af naar Rome, om zijn carrière in de katholieke kerk na te streven. Dit deed de relatie tussen de broers verergeren, omdat Charles dacht dat dit zijn positie bij de protestantse Engelsen zou aantasten. Henry kreeg op 30 juni echter het tonsuur. In diezelfde maand had paus Benedictus XIV verklaard dat hij hem als lid van het college van kardinalen wilde hebben. Op 3 juli werd hij tot kardinaal-diaken benoemd en zes dagen later tot kardinaal van de Santa Maria in Portico te Rome. Vanaf die dag noemde hij zichzelf kardinaal hertog van York.
Op 2 oktober 1758 benoemde Clemens XIII Henry tot aartsbisschop van Corinthe en op 19 november tot de bisschop van de Basiliek Dei Santi XIII Apostoli, waar hij eerst kardinaal-priester was hij geweest. Op 12 februari 1759 verplaatste Henry zijn zetel van de Santi Apostoli naar de basiliek van Santa Maria in Trastevere, eveneens in Rome gelegen. Henry kreeg de titel van kardinaal-bisschop van Frascati op 13 juli 1761. Op 24 januari 1763 werd hij vice-kanselier van de heilige rooms-katholieke kerk, een benoeming die hij tot zijn dood hield.
Toen in 1765 duidelijk was dat zijn vader, de verbannen James de 3de en 8ste, stervende was, stuurde Henry een brief aan Clemens XIII, waarin hij zonder succes probeerde pauselijke erkenning voor zijn broer als Charles de 3de van Groot-Brittannië te krijgen. Hij ging naar het Palazzo Muti en verzoende zich met zijn broer, hoewel ze het op bepaalde punten nooit eens zouden worden. Henry protesteerde tegen Charles’ onwettige dochter Charlotte en met name tegen het feit dat haar vader haar Her Royal Highness noemde. Later ontwikkelde hij echter een goede relatie met zijn nicht en grotendeels dankzij haar konden de broers beter met elkaar opschieten.
Henry’s financiële situatie veranderde drastisch in de late jaren ’90 van de 18de eeuw. Het grootste gedeelte van zijn leven was hij zeer rijk geweest, doordat hij veel geld en juwelen van zijn Poolse grootvader, de koning, had geërfd en verschillende giften van de kerk had ontvangen. Zijn kas werd echter in 1798 grotendeels geleegd toen hij meebetaalde aan de afkoopsom voor het Napoleontische leger, zodat dat Rome niet zou plunderen. Door de revolutie in de rest van Europa kreeg de kardinaal daarnaast geen inkomen meer uit Frankrijk en Spanje. Hij moest naar Napels vluchten voor de revolutionairen, waardoor hij veel van zijn bezittingen verloor, en zag zich genoodzaakt door geldgebrek een aantal juwelen van zijn grootvader te verkopen. Vele jaren lang hadden de Jacobites geprobeerd de bruidsschat van Henry’s grootmoeder Maria van Modena, vrouw van de afgezette koning James de 2de en 7de, terug te krijgen. Het Britse parlement had meerdere malen toegezegd deze schuld aan de Stewarts terug te betalen, maar had dit nooit gedaan. In 1799 zegde George de 3de, de onrechtmatige koning van Groot-Brittannië, toe Henry £4.000 per jaar te betalen. Hoewel hij dit zelf presenteerde als liefdadigheid, vond Henry dit eerder een begin van de afbetaling van de erfschuld van de Hanovers en betekende dit niet dat hij zijn claim op de Britse troon zou herroepen of de Hanovers zou erkennen.
Zie ook:
James Francis Stewart
|
|
|||
|
Gesponsord door Celtic Webmerchant:
|
|||||
|
copyright © 2011 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden. Sitemap Contact |
|||||