De Ierse en de Schotse kroningssteen

Lia Fáil
In het midden van het ringfort de Forradh staat de Lia Fáil, de Ierse kroningssteen. De steen stond eerst in het noordelijke deel van de omheining bij de Duma na nGiall, de Grafheuvel van de Gijzelaars. Sommigen zeggen dat het met een andere steen de ingang van het ganggraf aangaf, anderen dat het een van de vier belangrijke punten van de heuvel van Tara markeerde. Na het gevecht om Tara in de Ierse opstand van 1798 werd de steen naar zijn huidige plek verplaatst om de graven van de 400 rebellen te markeren die daar waren gestorven.

Het woord Lia geeft een steen weer met een bepaalde betekenis of een bepaald belang, bijvoorbeeld als grensmarkering, monument of dolmen. Fáil betekent onder andere heg of wal, wat betekent dat de steen is omsloten. Dit klopt, want de Lia Fáil staat in het ringfort de Forradh.

De legende vertelt dat de Lia Fáil door de Tuatha Dé Danaan naar Ierland is gebracht en ook dat dit de steen was die als kussen voor Jacob diende. De Tuatha Dé Danaan waren naar de Noorderlijke Eilanden gereisd, waar ze in de steden Fáilias, Gorias, Murias en Findais ambachten en magie leerden. Van deze steden gingen ze via Schotland naar Ierland. Uit elke stad namen ze een geschenk mee, uit Fáilias kwam de Lia Fáil, uit Gorias de speer van Lugh, uit Murias de Ketel van Dagdha, die nooit leeg raakte, en uit Findais het zwaard van Nuada met de Zilveren hand.

Wanneer de Hoge Koning was gestorven, moesten de kandidaat-koningen als laatste test de Lia Fáil aanraken. Bij aanraking door de ware koning schreeuwde de steen op zo’n sterkte dat geheel Ierland hem zou horen. De held CuChulainn spleet de steen echter in tweeën, omdat hij niet brulde toen zijn pleegkind en de kandidaat Hoge Koning Lugaid Riab nDerg op de Lia Fáil ging zitten. Bij de Hoge Koning Conn van de Honderd Gevechten (ca. 2de eeuw n.Chr.) schreeuwde de Lia Fáil echter verscheidene malen wel, eenmaal voor elk van Conns nakomelingen die koning zou worden.

Tenminste tot en met de kroning van Muirchertach mac Ercae, rond 500 n.Chr., werd de Lia Fáil gebruikt als kroningssteen. Er wordt echter ook verteld dat Muirchertachs broer, Fergus MacErc, de kroningssteen in 498 naar Schotland bracht voor zijn kroning als koning van Dal Riata. Deze zou verder zijn gegaan als de Schotse kroningssteen en zou later meegenomen zijn door Edward de 1ste. Of dat inderdaad zo is, is niet duidelijk.

Stone of Scone
De Stone of Scone of de Stone of Destiny is naar verluidt de Schotse kroningssteen, die oorspronkelijk in de abdij van Scone werd bewaard. Nadat hij in 1296 door Edward de 1ste van Engeland naar Westminster werd gevoerd, bleef hij daar als kroningssteen van de Engelse vorsten, behalve Mary de 2de. In 1950 is hij gestolen door vier studenten en naar Schotland gebracht, waarbij hij tijdens het transport doormidden brak. Hij is later gemaakt door een metselaar en op 11 april 1951 te vondeling gelegd op het altaar van de abdij van Arbroath. Hierna is hij weer teruggekeerd naar Westminster, maar er bestaat een hardnekkig gerucht dat dit een van de replica’s van het origineel is, die in de loop der tijden zijn gemaakt. Uiteindelijk werd de steen in 1996 naar Edinburgh vervoerd op aanvraag van het Schotse parlement, waar hij nog steeds in Edinburgh Castle ligt.

Het verhaal gaat dat de Stone of Scone oorspronkelijk het hoofdkussen was van de bijbelse Jacob. Ook wordt er gezegd dat hij uit Ierland is meegenomen door Fergus Mac Erc toen hij zich in 498 n.Chr. wilde laten kronen als koning van Dal Riata en dat het het reizend altaar van sint Columba was. De eerste daadwerkelijke vermelding van de steen is in 503, toen sint Columba hem naar Iona bracht. Hierna is hij vervolgens verhuis naar Dunadd, Dunstaffnage en uiteindelijk naar Scone. Hier liet Kenneth MacAlpin zich in 843 kronen als koning van zowel de Scotti als de Picten.

Het is in ieder geval zeker dat de Schotse koningen vanaf Kenneth MacAlpin in ca. 847 bij hun kroning op de steen zaten. In zijn dienst als kroningssteen van de koningen van Dal Riata is hij verhuisd van Iona naar Dunadd naar Dunstaffnage en uiteindelijk naar Scone. De laatste Schotse kroning die erop gekroond werd, was John Balliol.

Er bestaat twijfel over of de steen die Edward de 1ste meenam naar Schotland de Stone of Destiny is. Een verhaal gaat dat de oorspronkelijke steen door Robert the Bruce aan Cormac McCarthy, koning van Munster, werd gegeven als dank voor diens steun bij Bannockburn. De ‘ware’ Schotse kroningssteen zou de Blarney Stone in Blarney Castle zijn geworden, die geluk brengt aan degenen die hem kussen. Daarnaast wordt er gemeend dat de monniken van Scone de steen verborgen in de rivier de Tay of in de heuvel van Dunsinane. Deze theorieën zijn ontstaan omdat de historische beschrijvingen niet zouden overeenkomen met het uiterlijk van de hedendaagse steen.

Zie ook:

Koning Arthur

Het Welsh

Kelten, Saksen en Vikingen

Celtic Webmerchant:

c                
Keltische broche  € 9,20      
Keltische Montefortino €158,-         Keltische helm  € 82,93

 

 

copyright © 2008 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden.           Sitemap  Contact