|
|
|
||
|
|
De boog
Een
boog bestaat, kortweg gezegd, uit een flexibele boogstaaf en een koord
dat aan beide uiteinden onder spanning is bevestigd, de pees. Om de
Er zijn grofweg twee soorten bogen: houten en samengestelde bogen. Een houten boog is gemaakt van een houtsoort en was het vroegste type boog dat er was. Samengestelde bogen zijn ontwikkeld in landen waar weinig geschikt hout te vinden was en zijn gemaakt van een combinatie van hout en ander materiaal. Vaak was de kern van de boogstaaf van hout, het gedeelte richting het doel bedekt met dierenzenuwen of –pezen en het deel richting de schutter gemaakt van hoorn of soms metaal. Deze combinatie werd gebruikt, omdat hoorn weer terugspringt in zijn vorm als de druk opgeheven is en zenuwen elastisch zijn en er hierdoor een betere boog dan een gewone houten boog ontstond. GeschiedenisVanaf het eind van de IJstijd begonnen houten en samengestelde bogen door de hele wereld heen gebruikt te worden. Houten bogen werden gemaakt in West-Europa, IJsland, Afrika, India, eilanden in de Indische en Grote Oceaan en het grootste gedeelte van Noord- en Zuid-Amerika. Samengestelde bogen werden in delen van Oost-Europa en Noord- en Zuid-Amerika, Rusland, China en Groenland gemaakt. De vroegste stenen pijlpunt is gevonden in Afrika en komt uit 25.000 v.Chr.. Waarschijnlijk zijn de pijl en boog vanaf 40.000 v.Chr. ontwikkeld na de werpspeer. Vuurgeharde pijlen, vuurstenen pijlpunten en gevederde schachten ontwikkelden waarschijnlijk vanaf 22.000 v.Chr.. De vroegste Europese bogen die gevonden zijn, komen uit Denemarken en stammen uit 9.000 tot 6.000 v.Chr.. Ze waren uit één stuk hout, meestal taxus of iep, gemaakt en waren aan de bovenkant even sterk gebogen als de onderkant.
De Parten uit Iran en Afghanistan ontwikkelden zich tot geweldige ruiters en boogschutters. Ze gebruikten een tactiek die het Partische schot heet, ze reden in vol galop met hun bovenlichaam naar de vijand toe en schoten naar achteren. Rond 500 n.Chr. hadden de Byzantijnen ook boogschutters te paard in hun leger, die ze in charges gebruikten tegen Saracenen, Vandalen, Gothen en Franken. 400 jaar later gebruikten ze ook boogschutters te voet. Ook de Mongolen waren goede boogschutters te paard. Rond 1208 hadden ze hun sporen opgehoogd, waardoor ze in elke mogelijke richting konden schieten. Daarnaast schoten ze met samengestelde bogen met een trekkracht van 31 tot 72 kg en gebruikten duimringen om hun pees los te laten, waardoor hun reikwijdte veel verder kwam.
In de 15de eeuw nam het gebruik van bogen af door een tekort aan boogstaven. Edward de 4de van Engeland verbood zelfs een vroege vorm van cricket, omdat het hout dat werd gebruikt beter voor bogen gebruikt kon worden. In 1520 werd het musket uitgevonden en was het lot van de oorlogsboog zo goed als bezegeld. Maar niet helemaal. Kalmuks, Russische boogschutters te paard, hinderden het leger van Napoleon bij zijn invasie. Zelfs in de tweede wereldoorlog werd een regiment van Amerikaanse boogschutters gebruikt voor speciale missies in Azië. De ‘minder ontwikkelde’ volkeren in de wereld gebruiken de boog nog steeds. Vandaag de dag is de boog in de westerse wereld een wapen voor jacht en ontspanning. De kruisboog
De kruisboog werd gemaakt van een stok van taxus, es, hazelaar of iep dat bedekt werd met lijm of vernis. De boogstaaf zelf was van hout, ijzer of staal en de pees was van hennep, dat sterk en weinig elastisch is. De pijlen van een kruisboog waren korter, maar even dodelijk dan normale pijlen. Het mechanisme van een kruisboog bestaat uit een trekker die een wieltje op zijn plaats houdt waar de pees aan vast zit. Er waren twee soorten kruisbogen: de eenvoets- en de tweevoetskruisboog, genoemd naar het aantal voeten dat gebruikt moest worden om de pees te spannen. Het gevaar van de kruisboog zat niet alleen in het feit dat hij vaak door harnas heen kon boren, maar ook omdat hij gemakkelijk door iedereen te gebruiken was, omdat hij weinig techniek of kracht vereiste. Gemiddeld kon een schutter twee pijlen per minuut afschieten. Kruisboogschutters waren vaak boeren die hun dagelijkse kleding hadden versterkt met leer, stukken metaal of gewatteerde doek. Omdat ze zo kwetsbaar waren bij het herladen, droegen ze op hun rug een schild van 1 meter 20 tot 1 meter 60 hoog, dat het gehele lichaam beschermde. Voor de veldslag werd de pavise, zoals dit schild heette, in de grond gezet, zodat de boogschutter erachter kon duiken. Voor extra verdediging werden de verschillende pavises naast elkaar gezet. Veel van de pavises waren versierd met religieuze afbeeldingen, omdat de gelovige schutters hoopten dat de vijand zou geloven dat ze heiligschennis zouden plegen als ze het schild beschadigden. De longbow
De longbow was normaalgesproken gemaakt van taxus, dat toen veel in Groot-Brittannië groeide. De pees was gemaakt van linnen of hennep, dat met vezel werd gevlochten voor de sterkte. De traditionele longbow was 1 meter 90 lang en vereiste enorme kracht om te spannen en met precisie af te schieten. De longbowpijlen hadden verschillende pijlpunten, bijvoorbeeld een simpele punt om door pantser of maliën te breken, een zwaluwstaartpunt om paarden mee neer te schieten en een punt die in brand gezet kon worden voor psychologische oorlogvoering. Een longbowman was normaalgesproken boer en werd ingehuurd. Daarom droeg hij alleen een leren kap die met ijzer was afgezet en een mantel waar de boogpees in droog gehouden koon worden. Sommigen hadden ook een pony bij zich om snel bij of van het slagveld te komen. Een boogschutter werd gemiddeld tien jaar getraind voordat hij het slagveld betrad, en het is dus niet verwonderlijk dat longbowmen vaak de best betaalde eenheid in het leger waren. Een longbow in de hand van een getrainde Welshe boogschutter bezorgde zijn vijand nachtmerries. Met een grote trekkracht kon hij tien tot twaalf pijlen per minuut tot 400 meter ver schieten en pantser en maliën doorboren. Wanneer de Fransen een longbowman hadden gevangen, hakten ze de twee vingers waar hij de pees mee aantrok, af. Naast zijn boog was een longbowman gewapend met een kort zwaard of een dolk, zodat hij eventueel als reserve in het slagveld ingezet zou kunnen worden. Meestal werd de linie longbowmen achter het leger geplaatst en bewaakt door een divisie. Voor extra zelfverdediging plaatsten de boogschutters soms pieken voor hun lijn om te voorkomen dat de cavalerie hen aan zou vallen. Zie ook:
Zwaarden Celtic Webmerchant: Welshe longbow € 79,20 Kort schots zwaard € 61,70 |
||
![]() |
|||
|
copyright © 2008 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden. Sitemap Contact |
|||