Druïdessen

Zowel archeologische als geschiedkundige bronnen geven aanwijzingen voor het bestaan van priesteressen. Tacitus schreef over de Teutoonse priesteressen, ze hadden grijs haar en droegen tunieken, waarover mantels van het mooiste linnen werden gedragen. Ze droegen bronzen sieraden en waren blootsvoets. Deze vrouwen liepen met geheven zwaard het legerkamp binnen, gingen naar de gevangenis waar ze een gevangene kroonden en vervolgens naar een ketel leidden waar ze hem ritueel offerden. Het bloed van het offer werd in de ketel opgevangen en het lichaam werd opengesneden om te onderzoeken of de overwinning in de lucht zat. Al waren de Teutoonse stammen niet Keltisch, ze deelden wel verschillende culturele elementen. Ze gebruikten heilige ketels en deden op het slagveld aan koppensnellen. Caesar, Strabo en Tacitus schrijven allemaal over priesteressen die aanwezig waren in de Germaanse kampen.

Orakels voor de keizer

Er zijn enkele verwijzingen naar druïdes en druïdessen in de late Romeinse literatuur. Één daarvan is de Scriptores Historiae Augustae uit de 4de eeuw n.Chr.. Het bevat een serie verhalen over het leven van de laat Romeinse keizers. Één van de schrijvers, Vopiscus van Syracuse, schreef dat keizers uit de 3de eeuw n.Chr., Diocletianus en Aurelianus, geadviseerd werden door druïdessen. Dit was geen op zichzelf staand verschijnsel. Het waren druïdessen die de Ierse koningin Medb ervan probeerden te weerhouden om de oorlog in te gaan toen de voortekens slecht waren.

Druïdessen in middeleeuwse bronnen

Druïdessen zijn vrijwel nooit vermeld in de middeleeuwse bronnen maar in de Ierse mythologie wordt er regelmatig naar ze verwezen. De Fenian cyclus verteld het verhaal van Fionn, een held met bovennatuurlijke krachten. Fionn was volgens de cyclus opgevoed door twee vrouwen, één daarvan was een wijze vrouw en de ander een druïdes. Zij leerden Fionn krijgskunde, jagen en vissen en figureerden als lijfwacht en adviseur voor hem. Opvallend is dat zowel klassieke schrijvers als de Ierse mythologie verwijzen naar de functies van een druïde naast zijn religieuze functies.

Een andere heilige vrouw in de Ierse mythologie is de hoofdpriesteres van Medb van Connacht, Erne genaamd, die deel uitmaakte van de koninklijke hofhouding. Zij en haar assistent werden in een meer verdronken door het monster Olcai. Ze gaf de naam aan het loch, loch Erne. Een legende over Sint Brigit beschrijft hoe een groep heilige heidense vrouwen een heilig vuur op deze plaats ontstaken.

Heilige maagden

De Vestaalse maagden hadden een belangrijke functie in de Romeinse religie. Zij bewaakten het vuur dat eeuwig brandde voor de Romeinse godin Vesta en het Romeinse rijk voor catastrofen zou behoeden. Elke maagd was dertig jaar in dienst en zou levend begraven worden wanneer ze het vuur liet doven of haar maagdelijkheid verloor.

Ook in de Keltische wereld kwamen heilige maagden voor. De maagdelijkheid werd vermoedelijk in verband gebracht met puurheid en perceptie die belangrijk was om in contact te treden met de andere wereld. Ze werden vereerd vanwege vruchtbaarheid en intactheid en deze werd toegewijd aan de goden.

De Romeinse schrijver Pomponius Mela schreef in de vroege eerste eeuw n.Chr over de bewoners van Sena. Sena was een eiland die uitmaakte van de eilandengroep Cassiterides, mogelijk werd hiermee Sicilië of zuidwest Engeland bedoeld. Op Sena leefde een orakel met negen maagdelijke priesteressen. Zij waren in staat de toekomst te voorspellen en alle ziektes te genezen omdat ze de vier elementen aarde, water, wind en vuur beheersten.

Het getal negen is een opvallend getal, drie en de verdrievoudiging van drie was een heilig getal in de Keltische cultuur. In de iconografie van de Kelten worden veel dingen afgebeeld in drieën, zoals drie hoofden en drie ringen.

Pomponius Mela’s maagdeneiland komt uit de 1ste eeuw v.Chr., wanneer het heeft bestaan. Maar het mythologische gedicht Preiddu Annwfn vertoont een aantal opvallende parallellen met het Romeinse verhaal. Het gedicht uit de 13de eeuw n.Chr. beschrijft het verhaal van Arthur waarin hij een magische ketel moet stelen van koning Annwn, de heerser van de onderwereld. Dergelijke ketels komen vaak voor in Ierse en Welshe verhalen, maar deze werd gedragen door negen maagden en kon alleen koken door de hitte van hun adem. Deze ketel kon nooit het eten voor een lafaard koken.

Het verhaal van Mela’s eiland vertoond aardig wat Keltisch religieuze eigenschappen, zoals maagdelijkheid en het getal negen. In beide verhalen wordt gewezen op het belang van drie in het drievoud.

Afbeeldingen van druïdessen

Archeologie heeft tot nu toe weinig bewijs voor druïdessen geleverd. Er zijn enkele mogelijke voorbeelden, maar die kunnen net zo goed een godin afbeelden. Een mogelijke kandidaat is het vrouwenbeeld uit Chamalières, midden Frankrijk. Chamalières was een natuurlijke geneeskrachtige bron die rond de 1ste eeuw n.Chr. vaak door pelgrims werd bezocht. In het gebied zijn duizenden houten beeldjes geofferd, waaronder beeltenissen van de lichaamsdelen waaraan de kwaal was. Onder deze beeldjes bevond zich een eikenhouten beeld van een vrouw met een torque. Ze draagt een hoofddoek en mogelijk een jurk en overjurk. Mogelijk is het beeldje een afbeelding van de priesteres van Chamalières.

Een vroegere afbeelding van een mogelijke priesteres stamt uit de 7de eeuw v.Chr.. Het staat op een bronzen modelwagen die terug werd gevonden in Strettweg in Oostenrijk. Op het platform, dat ondersteund wordt door wielen, staan verschillende beeldjes van mensen en dieren. Samen vormen ze mogelijk een ritueel, veel van hen zijn naakt. Er zijn voetsoldaten en cavaleristen bij maar in het midden, groter dan de rest staat een vrouw die de grote ketel boven haar hoofd houd. Mogelijk is deze vrouw een druïdes of een godin.

Zie ook:

Het eiland Mona
Keltische feestdagen
Goden van Wales
Goden van Ierland
De kracht van de natuur

Celtic Webmerchant:

 

Gundestrupkrijger  € 18,-

Keltisch hoofd € 57,-

Keltische torque 85,-

 

 

copyright © 2009 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden.           Sitemap  Contact