De vondsten bij Hallstatt en La Tène

De vondsten die tot de naamgeving van de twee Keltische cultuurperioden leidden, zijn per toeval ontdekt.In Hallstatt ligt de oudste zoutmijn van de wereld. Toen er in 1846 na 2000 jaar opnieuw zout werd gewonnen, begon Johan Georg Ramsauer, de gemeentelijke mijnopzichter, met het afgraven van grind voor de aanleg van een weg. Tot zijn verbazing legde hij een menselijke schedel en een bronzen oorring bloot. Hij groef verder om te kijken of er meer te vinden was en ontdekte een skelet, later vond hij er nog een en het vermoeden ontstond dat dit een oude begraafplaats was. Na meer onderzoek legde hij zeven skeletten bloot, die met grafgiften keurig in rijen waren begraven. In de lente van het daaropvolgende jaar kwam hij terug om de plaats verder te bestuderen en de volgende twintig jaar bleef hij er opgravingen doen. Uiteindelijk heeft hij meer dan 1.000 graven en een van de eerste smidsen ontdekt. Ook werd duidelijk dat de zoutmijnen al vele eeuwen in gebruik moesten zijn geweest. Wat Ramsauer blootlegde, gaf de naam aan de eerste periode van de Keltische beschaving, de Hallstatt-cultuur. In deze periode creëerden de Kelten handelsnetwerken door heel Europa en verrijkten ze zich met schatten in ruil voor zout en wapens, geproduceerd in Hallstatt.

Hansli Kopp, een archeoloog die opgravingen deed in opdracht van kolonel Friedrich Schwab, ontdekte na een periode van uitzonderlijke droogte in het meer van Neuchatel, in de buurt van La Tène, Zwitserland, rijen korte paaltjes. In 1963 deed Ferdinand Keller onderzoek naar de paaltjes en stelde als eerste dat het de overblijfselen van een Keltische nederzetting waren die op palen was gebouwd en bleek juist te zijn. Tijdens het systematische droogleggen van de Zwitserse meren tussen 1868 en 1883, werd ook het meer van Neuchatel drooggemaakt. In 1880 werden als gevolg daarvan twee bruggen blootgelegd die ongeveer 100 meter lang waren, samen met de overblijfselen van vijf huizen aan de oever. Toen het meer totaal droog was, werden in totaal 2500 objecten gevonden, vaak van metaal gemaakt. Veel van de vondsten waren wapens, waaronder 166 zwaarden die waarschijnlijk grotendeels nooit zijn gedragen. Ook zijn er verscheidene menselijke overblijfselen gevonden. De tweede periode van de Keltische cultuur werd naar de vondsten vernoemd, na de Hallstatt periode volgde voortaan de La Tène periode.

Zie ook:
Keltische kunststijlen
Pictische kunst
De gundestrup ketel
Dierensymbolen
Abstracte symbolen

Celtic Webmerchant:

c     
Jurk Badb  € 75,90                 Jurk ‘Morrighan’ € 78,40           Keltische montefortino € 158,-

 

copyright © 2008 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden.           Sitemap  Contact