Het zwaard,
meer dan een wapen alleen

Oakeshott type XVIIIe
1410 - 1510 n.Chr Rond de 15de eeuw kon een ridder
zich geheel in pantser uitrusten. Gewone infanteristen droegen vrijwel
nooit meer dan een sallet en een wambuis en waren dan ook kwetsbaar voor
zowel steken als slagen. De zwaarden van deze tijd waren dan ook zeer
puntig, een van deze typen was het type XVIII. Type XVIIIe heeft een
smalle kling met een afgeplatte, diamantvormige doorsnee en een lengte
van 81 tot 106,5 cm. De kling heeft
vaak een lange ricasso, een bot gedeelte, die smaller is dan de rest van
de kling. De grip is lang, heeft een gebogen pareerstang en een
peervormige pommel.
Het is moeilijk om zwaarden van
dit type in kunst te ontdekken vanwege de vele subtypen en de
gelijkenissen met type XV. Vaak gaven schilders niet veel om kleine
details die zwaardtypen kenmerken. De afbeeldingen uit de Vechtboeken
van Hans Talhoffer uit de 15de eeuw en ook de gedetailleerde
illustraties van Loiset Lyédet tonen regelmatig deze zwaarden.
Terug naar
zwaardtyperingen |