Vrouwen in Keltisch Europa

Om een inzicht te krijgen in de positie van vrouwen in de Keltische cultuur is het belangrijk te begrijpen hoe de Keltische samenleving in elkaar zat.

In de Keltische cultuur was er tussen man en vrouw over het algemeen een sterke rolverdeling, vrouwen werden over het algemeen ouder dan mannen, dit kan wijzen op dat ze geen krijgsfuncties bekleedden. Vrouwen stierven vaak tussen het 16de tot 26ste levensjaar in het kraambed, of ze werden relatief oud.

Keltische vrouwen waren gelijkwaardiger aan hun man dan Germaanse of Griekse vrouwen, rond 500 v.Chr. konden Griekse vrouwen in sommige steden bijvoorbeeld geen burgerrecht bekleden, wat ze gelijkstelde aan slaven, en ze konden niet zonder begeleiding het huis verlaten. Bestuursfuncties werden echter grotendeels bekleed door mannen.

Er zijn echter ook voorvallen waarin vrouwen een minderwaardigere positie hadden. Toen de stad Alesia door Caesar werd belegerd besloten naar verluidt de Keltische leiders de vrouwen de stad uit te zetten, om hun krijgers van hongersnood te behoeden en, wordt gezegd, het Romeinse leger te verzwakken, die hen vast op zou nemen. Caesar besloot dit niet te doen, waardoor de vrouwen in het niemandsland tussen de stad en haar belegeraars een hongerdood stierven. Of dit ook echt zo is gebeurd, is onduidelijk.

Uit historische bronnen blijkt dat vrouwen in Keltisch Brittannië vaker een belangrijke functie bekleedden dan in Gallië. Caesar schreef in zijn De Bello Gallico dat de Gallische wetten vrouwen strenger dan mannen strafte, dit is niet volkomen betrouwbaar aangezien Caesar er baat bij had de Gallische cultuur als wreed af te schilderen.

Er zijn verschillende voorbeelden in Brittannië en Gallië te noemen waarbij vrouwen hoge functies in de stam bekleedde, ze waren druïdes, stamhoofden en in een enkel geval ook generaal. In hoeverre Keltische vrouwen een militaire functie bekleedden blijft onbekend.

Uit historische bronnen valt op te maken dat deze man-vrouwverhouding tussen 400 v.Chr. en 400 n.Chr. heeft bestaan. In veel gebieden, zoals Wales en Ierland, ging het nog door tot 800 n.Chr..

Vrouwen en oorlog
Op een Gallische munt uit de 1ste eeuw n.Chr. staat een naakte, vrouwelijke ruiter afgebeeld, gewapend met een schild en werpspeer. Mogelijk was ze een oorlogsgodin. De mythologische oud-Ierse koningin Medb van Connacht heerste zelf over haar land, als meerdere van haar man Ailill, en voerde een groot leger aan. In de Ierse mythologie wordt regelmatig gesproken over de oorlogsgodinnen Morrighan, Macha en Badb.

Het bekendste voorbeeld van een vrouwelijke Keltische krijger komt nog steeds uit Zuid-Engeland, het voorbeeld van Boudicca. Boudicca was de vrouw van de koning van de Iceni, Prasutagus. Na zijn dood werd zijn land ingenomen door zijn voormalige bondgenoot het Romeinse rijk. Dit gebeurde met de nodige Romeinse barbaarsheid, de stam werd geplunderd, Boudicca’s dochters werden verkracht en zij zelf afgeranseld.

Boudicca nam wraak, brandde de Romeinse steden Londinium, Camulodunum en Verulamium tot de grond toe plat en de Romeinen verloren op een haar na hun nieuwe provincie Britannia.

Twee klassieke schrijvers schreven over haar, Dio Cassius en Tacitus. Beide schreven over vrouwen die meevochten in deze opstand. Of dit propaganda is, of gebaseerd is op de waarheid is ondidelijk. Wat wel duidelijk is, is dat Boudicca de stammen van Brittannië verenigde en een enorm opstand tegen de Romeinen organiseerde.

Indien vrouwen een mindere positie in de Keltische cultuur hadden ingenomen, waren de stammen vermoedelijk minder snel geneigd geweest om Boudicca als hun generaal te accepteren.

De genoemde voorbeelden bewijzen echter niet dat het een Keltische gewoonte was dat vrouwen het slagveld betraden. In de 15de eeuw werd het Franse leger geleid door Jeanne d’ Arc, terwijl oorlogvoeren voor vrouwen ten strengste verboden was.

Vrouwen en politiek
In de La Tène periode hadden vrouwen soms een belangrijke politieke functie, deze functie bleef in meer of mindere mate tot in de middeleeuwen aanwezig. Vrouwen werden getrouwd, en waren de baas van het huis wanneer de man afwezig was. Er zijn enkele voorbeelden waarin de vrouw zelfs zonder man blijkt te regeren. Zowel Griekse als Romeinse geschriften wijzen op dat Keltische vrouwen belangrijke functies konden bekleden.

Een goed voorbeeld hiervan is koningin Cartimandua die regeerde over de machtige Brigantes in de tijden van Boudicca’s opstand. Tacitus schreef dat ze ongeveer twaalf jaar lang regeerde en dat ze deze rang had vanwege haar hoge afkomst. Cartimandua riep de bescherming van de Romeinse legioenen in toen haar positie bedreigd werd door haar man Venutius. In tegenstelling tot Boudicca wordt zij niet herdacht als een heldin. Ze was een collaborateur die de grote vrijheidsvechter Caratacus aan de Romeinen overleverde en zo het Romeinse rijk een dienst bewees waarvan Brittannië nooit meer zou herstellen.

De andere kant van het verhaal is dat ze probeerde te overleven in een tijd van politieke onrust. Ze sloot een bondgenootschap met de sterkste partij op het eiland en hoopte zo haar positie en haar stam te redden. Uiteindelijk werd ze verraden door de Romeinen en moest ze aftreden om de goede vrede te bewaren.

Mogelijk is de 35-jarige vrouw die in een enorme grafheuvel bij de Gallische oppidum Mont Lassois, bij het plaatsje Vix, begraven is, één van de beste voorbeelden van een vrouwelijke leider. Het is onbekend wat ze tijdens haar leven heeft gedaan, mogelijk was ze een stamhoofd die vanuit Mont Lassois nauwe banden onderhield met de Griekse kolonie van Marseille. Haar lichaam in de grafheuvel is op een vierwielige wagen gelegd. Een van de opvallendste voorwerpen in haar graf is een 1,64 meter groot wijnvat waarin wijn werd gemengd. Dit vat was van Griekse makelei en moet dus een moeilijke reis naar Oost-Frankrijk hebben gemaakt.  Mogelijk was de vrouw een alleenstaand heerser, aangezien er geen bewijs is van een echtgenoot of iets dergelijks.

De vrouw had een vervormd skelet dat vergroeiingen in de heupen toont. De vrouw heeft in haar leven altijd mank gelopen en had en bochel. Duidelijk is dat mensen met een dergelijke afwijking dus in de maatschappij net zo geaccepteerd werden als de gezonde mensen. Dit vormt een scherpe tegenstelling met de Ierse hoge koningen, die geen smet op hun lichaam mochten hebben. Indien dit uit de vroeg-Keltische tijd stamt, is het mogelijk dat de begraven vrouw geen politieke, maar een religieuze functie bekleedde.

Er zijn meerdere voorbeelden van vrouwen die in rijkdom werden begraven. In de vierde eeuw v.Chr. werd in Waldalgesheim een vrouw begraven. Ze nam een aanzienlijke collectie met gouden torques en gouden sieraden mee naar het hiernamaals. Vermoedelijk was ook zij een vooraanstaand lid van de Keltische aristocratie.

Deze voorbeelden wijzen op een maatschappij waarin vrouwen ook belangrijke functies konden vervullen die in latere perioden slechts voor mannen waren weggelegd.

Zie ook:

Het eiland Mona
Keltische feestdagen
Goden van Wales
Goden van Ierland
De kracht van de natuur

Celtic Webmerchant:

 

Britse torque € 80,-

Geknoopt Keltisch kruis blauw 
 
43,90

Gotische jurk Eva 104,75

 

 

copyright © 2009 CelticBritain.net, Alle rechten voorbehouden.           Sitemap  Contact